Posts tonen met het label faith. Alle posts tonen
Posts tonen met het label faith. Alle posts tonen

vrijdag 21 september 2018

Hij moet meer worden


Johannes 3:30 Hij moet meer worden, ik echter minder.

Wat is het moeilijkste van tot geloof komen en ook in het geloof blijven? Eigenlijk is dat jezelf! Wij vinden onszelf zo belangrijk, ook al zeggen we tegen anderen dat dat niet zo is. Maar kijk maar eens diep bij jezelf naar binnen. Om wie draait jouw leven eigenlijk? Waarom doe je de dingen die je doet? Het is allemaal om er beter van te worden immers? We werken om meer geld te verdienen, luxer te leven en leukere dingen te kunnen doen? We zijn in onze hoofden bezig met dingen die we leuk vinden en daar steken we onze tijd in. Allemaal voor onszelf. Maar de kunst van geloven is onszelf opzij zetten. Christus moet meer, belangrijker, worden en wijzelf minder.

Johannes de Doper krijgt een vraag van de Joden: Jezus doopt en jij doopt en iedereen komt naar Hem toe. Ze snapten het niet zo goed wat er aan de hand was. Jezus was toch ook door Johannes gedoopt en nu doopte Hij zelf. En de mensen gingen bij Johannes weg en naar Jezus toe. Maar Johannes zag dit niet als concurrentie. Dit was de reden waarom Hij naar de aarde was gekomen. Om Jezus te verkondigen, om de weg voor Jezus te bereiden. Johannes is niet belangrijk, maar Jezus is belangrijk. Johannes moet minder worden en Jezus moet meer worden.

Hoe zit dat bij ons, bij jou en bij mij? Wij moeten ook minder worden. Als je nu denkt: dat valt bij wel mee, dan moet je juist hiermee aan de slag. Want je begrijpt het Evangelie dan nog niet zo goed. Christus is gekomen voor zondaren, mensen die vanuit zichzelf verloren zijn. Heel kort gezegd, zonder Jezus ga je naar de hel. Maar met Jezus, wanneer Hij voor jouw zonden is gestorven, ga je naar de hemel. Je mag bij Hem horen en je valt niet meer onder de zonde, maar onder het bloed van Christus. Hij heeft je zalig gemaakt en Hij wil iedereen zalig maken. Maar dat vraagt overgave, jezelf aan de kant zetten en Hem op nummer 1 zetten.

Want alleen op die manier kunnen wij leven in het geloof, leven onder het kruis. Als we onszelf niet meer boven alles hebben staan. Want dat is wat ons de zonde heeft opgeleverd, we wilden zelf zo belangrijk zijn. En als we daarvan gered zijn, dan kunnen we daar toch niet in doorgaan. Wij moeten minder worden, maar Christus moet groter worden.

En als wij Christus dat groter maken en Hij wordt meer in ons leven, dan zien we steeds meer Zijn heerlijkheid en Zijn glorie. Dat geeft ons intense blijdschap die we zonder Hem nooit zullen kennen. Het geeft ons steeds meer inzicht in de geheimen van de Bijbel en van het leven door genade. En de keuzes die we maken zullen steeds meer gericht zijn op Christus. Die keuzes maken ons gelukkiger, want die pakken goed voor ons uit. Terwijl onze keuzes voor onszelf altijd negatief uitpakken. Misschien op korte termijn niet altijd, maar op lange termijn wel.

Wil jij ook gelukkig(er) worden? Volg het advies van Johannes: Jezus moet meer worden, ik echter minder. Hoe? Lees de Bijbel, praat met God en verander je leven door Gods Geest.

maandag 29 augustus 2016

Geloof en geen werken

Romeinen 4:3 Want wat zegt de schrift? En Abraham geloofde God, en het is hem tot gerechtigheid gerekend.

Romeinen 4:5 Bij hem echter die niet werkt, maar gelooft in Hem die de goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot gerechtigheid.

Hoe wordt je nu eigenlijk zalig? Is dat door veel goede dingen te doen? Is dat door goed te leven en jezelf in te zetten voor anderen? Dat zou je soms bijna gaan denken. Je hoort vaak: maar ik leef toch goed? Ik doe geen mens kwaad. Dus als er een hemel is, dan zal ik daar vast wel komen. Dat kan een geruststellende gedachte zijn, maar het is absoluut niet Bijbels.

De Bijbel zegt dat geloof alleen je zalig maakt. Kijk maar eens naar Abraham, zoals beschreven staat in vers 3 van Romeinen 4: en Abraham geloofde God, en het is hem tot gerechtigheid gerekend. Abraham deed maar één simpel ding: geloven. Hij geloofde God en meer niet! En dat is hem tot gerechtigheid gerekend; dat wil zeggen: God heeft hem naar recht vrijgesproken.

Maar Abraham heeft toch helemaal geen recht om zalig te worden? Hij is toch immers ook een mens en dus verdorven door de zonde? Hij is toch ook van God afgescheiden en kan niet in de hemel komen? Inderdaad, eerst wel. Maar toen God Abraham riep geloofde hij God. En dat is wat Abraham vrijspreekt van de zonde en van de eeuwige dood. Niet al zijn goede werken of zijn goede keuzes, maar alleen maar geloof.

En dat geldt ook voor jou en mij. Wij worden niet door onszelf zalig. Jij en ik kunnen er niet voor zorgen dat we zalig worden, al werken we nog zo hard. Al doen we nog zoveel mooie en goede dingen, het is allemaal nutteloos als we erdoor zalig willen worden. We worden alleen gerechtvaardigd door het geloof! That’s it!

En dat druist tegen onze natuur in, want we willen alles zelf doen.
Wij willen zelf bepalen wat we doen, wij willen bepalen of we zalig worden ja of nee en wij willen eigenlijk door goede dingen in een mooi blaadje bij God komen. Jij toch ook? Ik wel, betrap ik mezelf vaak genoeg op. Maar het draait alleen maar om ons geloof.

En dan gaan we inderdaad goede dingen doen. Abraham geloofde God en volgde Hem. Dat volgt op geloof, dat je Jezus gaat volgen en in Zijn voetsporen loopt. Dan krijgt ons geloof handen en voeten, dan zijn we stralende sterren in deze donkere wereld. Maar het maakt ons niet zalig.

Bemoedigd worden we door Paulus. Hij laat ons op deze manier weten dat we het van God mogen verwachten. God geeft ons geloof en dat maakt ons rechtvaardig voor Hem. Wat een heerlijke God hebben wij toch? Hij geeft ons wat we nodig hebben, maar bovenal geloof zodat we eeuwig bij Hem mogen leven.

zondag 24 januari 2016

Een vitaal geloof

Daniel 6:12 Toen kwamen zij eensgezind bij zijn huis en troffen Daniel aan, terwijl hij bad en smeekte om genade voor het aangezicht van zijn God.

Het is een lastige positie waar Daniel in verkeerd. In het rijk van de Meden, waar koning Darius koning was, is een wet aangenomen waarin staat dat niemand tot een andere god mag bidden dat tot de koning. Hij moet de god zijn in het rijk en niemand anders. Het lijkt een wet die de koning alle eer geeft en zo heeft hij het ook aangenomen, maar bij het indienen van de wet is iets anders gaande. Er zijn hogere machten in het spel die het aanbidden van de ware God willen tegengaan. Uit jaloezie is deze wet ontstaan en bovenal om Daniel erin te luizen.

De hoge heren weten precies hoe Daniel is: wat er ook gebeurt, hij zal zijn God niet verloochenen. Al zetten ze er tien wetten op, Daniel zal God altijd trouw blijven. En daarom hebben ze die wet gemaakt, ze weten dat Daniel zich er niet aan zou houden. Ze kunnen hem hier zeker te weten mee pakken en er zo voor zorgen dat ze van hem afkomen. Wat zou jij doen in de positie van Daniel? Maar in een achterkamertje gaan bidden? Stiekem om momenten dat niemand het ziet? En wat zien de mensen aan ons? Zien ze ook een volgeling van de ware God en waar blijkt dat uit? Mooi vragen om onszelf te stellen!

Eigenlijk zijn de mooiste twee woorden van deze tekst de laatste twee: zijn God. Daniel bidt niet zomaar tot iemand, Hij bidt tot God. Zijn God is de Allerhoogste, zijn God is de Trouwe en de enige ware God. Daniel weet het zeker, hij zet zelfs zijn leven ervoor op het spel. God is de God van Daniel en daarom weet Daniel dat hij niet moet zwichten voor het gevaar. Als hij zwicht en toegeeft aan de wetten in het land, zal het hem uiteindelijk duur komen te staan. Wanneer hij toegeeft zal hij steeds verder van God afdwalen en uiteindelijk zal zijn geloof opdrogen.

Daniel is hierin een prachtig voorbeeld voor ons. Hij leert ons hoe we ons geloof vitaal houden, hoe we ons geloof niet laten opdrogen en hoe we stand kunnen houden in onze tijd. Want er komt ook heel wat op ons af. Ook in onze tijd zijn er hogere machten aan het werk die er alles aan doen om ons van God af te houden. In onze westerse cultuur misschien niet zozeer met wetten, maar in sommige oosterse landen wel. En voor die mensen is Daniel een voorbeeld om sterk te staan en hierin laat God zien dat we altijd om Hem mogen en moeten vertrouwen.

Maar in het westen wordt het op een andere manier gespeeld. Onze tijd wordt volledig opgezogen door materialisme. Kijk maar eens in je eigen leven, wanneer heb je nu daadwerkelijk alle tijd om God te zoeken en Hem te aanbidden? Om steeds weer om genade te smeken? Onze telefoons, laptops, televisies, radio’s en tablets nemen zo veel tijd in beslag. Daarnaast onze hobby’s, werk en andere bezigheden. Het kan zelfs het kerkelijk werk zijn. Maar laten we samen met Daniel vaste momenten nemen om God te zoeken en daar tijd voor vrij te maken. Alleen zo kunnen we de hogere machten weerstaan en sterk staan in ons geloof. In contact met God blijft ons geloof vitaal!

God is het waard om onze aandacht te krijgen, om onze tijd te krijgen en onze aanbidding te ontvangen. Wij mogen steeds tot Hem komen en dat is pure genade. Hij heeft die weg gebaand door Zijn Zoon te sturen en voor ons te sterven en de blokkade op te heffen om helemaal in contact met Hem te komen. We moeten daar gebruik van maken, elke dag weer.

maandag 18 januari 2016

Jezus opent je ogen

Lukas 18:42 En Jezus zei tegen hem: Word ziende. Uw geloof heeft u behouden.
Yes, yes! Wat een wonder! Een man die blind was, kan weer zien! Wat is hij blij en wat is dat een waardevol geschenk van Jezus. Jaren heeft hij daar waarschijnlijk bij de Jericho aan de weg gezeten en dagelijks moest hij zijn hand ophouden om een paar centen te krijgen om wat te eten. Maar dat is nu voorbij, de man kan gaan en staan waar hij wil, hij heeft niemand meer nodig. Hij kan nu werken, hij kan een reis maken, hij kan alles. Maar wat doet hij? Hij volgt Jezus en verheerlijkt Hem. Zo heeft Jezus gewerkt in het leven van de man. Zijn geloof heeft Hem behouden en hij is van zijn blindheid verlost. Jezus heeft zijn ogen in meerdere opzichten geopend.
Jezus wil ook onze ogen openen. Van nature zijn we blind voor Hem en voor wat Hij voor ons heeft gedaan. We zijn blind voor wie wijzelf zijn tegenover God en zien onze zonden niet. Maar Jezus kan dat veranderen, Hij wil ons ziende maken zodat we zien wie wij zijn tegenover God. Wij zijn namelijk blinde zondaars, mensen die niets van God willen weten. Mensen die zelf eigenlijk God willen zijn en onszelf ook zo behandelen. Ik ben de baas en niemand heeft daar iets over te zeggen, ook God niet. En daar wil Jezus onze ogen voor openen. Hij wil ons ook laten zien dat we zonder Hem verloren gaan en dat we Zijn bloed nodig hebben tot vergeving van onze zonden. Jezus laat ons allereerst de weg tot bekering zien!
Hij laat ons zien op het kruis, op het werk dat Hij heeft volbracht. We hoeven dat zelf niet te volbrengen, dat heeft Hij gedaan. Hij laat ons ook zien dat we dat zelf helemaal niet kunnen, al zouden we het willen. Alleen Zijn werk is genoegzaam voor God. Hij laat ons dus Zijn liefde zien en opent zo onze ogen voor Wie Hij is en voor ons wil zijn. Dat is toch geweldig! Maar misschien zie jij dat nog niet, dan mag je net als de blinde aan Hem vragen om je ogen te openen. Zodat je kunt zien en echt kunt gaan leven. Nu leef je in het donker, maar als Hij je ogen opent leef je in het licht.
Maar Jezus opent onze ogen ook voor onze zonden. Niet alleen dat we zondig zijn, maar ook de zonden die we doen. De zonden die jij en ik steeds weer doen en waar we misschien helemaal niets verkeerds in zien. Daar moeten we ons voor openstellen en Jezus vragen naar de schadelijke weg in ons. Jezus vragen om door Zijn Geest ons te laten zien welke dingen we niet meer moeten doen en wat we juist wel moeten doen. Hij zal je dat ook laten zien, maar je moet we voor openstaan. En als je er voor openstaat dan geloof je straks je ogen niet. Want er zijn dingen in je leven die niet zondig lijken en door Hem toch zonde voor je zullen worden. Ze staan in de weg in je relatie met Hem.
Het is een hele openbaring wanneer God zo in ons werkt, wanneer Hij ons laat zien. Dat doet Hij vooral door Zijn Woord. Daarin staat wat we nodig hebben en hoe we moeten leven. Wanneer we Zijn Woord trouw en zuiver lezen, dus niet in ons eigen straatje, dan zullen je ogen steeds meer open gaan. Niet zomaar elke dag lezen hoor, maar Christus vragen of Hij je de teksten wil laten zien. Want alleen dan zal dat gebeuren. Zonder Hem begrijp je de Bijbel niet en lees je wat je zelf wilt lezen, maar
Hij legt het uit in je hart.
Heer, wijs mij uw weg
en leid mij als een kind
dat heel de levensweg
slechts in U richting vindt.
Als mij de moed ontbreekt
om door te gaan,
troost mij dan liefdevol en moedig mij weer aan.
Heer, leer mij uw weg,
die zuiver is en goed.
Uw woord is onderweg
als een lamp voor mijn voet.
Als mij het zicht ontbreekt,
het donker is,
leid mij dan op uw weg, de weg die eeuwig is.
Heer, leer mij uw wil
aanvaarden als een kind
dat blindelings en stil
U vertrouwt, vrede vindt.
Als mij de wil ontbreekt
uw weg te gaan,
spreek door uw Woord en
Geest mijn hart en leven aan.
Heer toon mij uw plan;
maak door uw Geest bekend
hoe ik U dienen kan
en waarheen U mij zendt.
Als ik de weg niet weet,
de hoop opgeef,
toon mij dat Christus heel
mijn weg gelopen heeft.

zondag 17 januari 2016

Eén Kerk

Handelingen 2:11 Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze taal over de grote werken van God spreken.

Wat is nu de ware kerk en in welk land en bij welke gemeente wordt er nu de juiste boodschap verkondigd en is men op de juiste manier bezig? Dat is een vraag die we allemaal veel stellen en ondertussen vinden we allemaal dat we het wel goed doen en de anderen niet. We zijn natuurlijk allemaal aangesloten bij een gemeente en dat vinden we de juiste gemeente. Maar is dat ook zo? Ben jij, ben ik lid van de juiste gemeente?

Een goeie vraag om over na te denken en alles eens naast elkaar te leggen. Want hoe dient onze gemeente God? Op welke manier staat onze gemeente in dienst van God en wat kan daarin beter? Dat is goed om als gemeente over na te denken en als ieder individu van die gemeente. Een andere vraag is natuurlijk: wat is mijn plek binnen die gemeente? En hoe geef ik binnen de gemeente handen en voeten aan mijn geloof?

Op de eerste pinksterdag, de uitstorting van de Heilige Geest, waren er veel mensen bijeen uit veel verschillende landen. Ieder heeft zo zijn eigen gewoontes en eigenaardigheden, maar ze waren allemaal in Jeruzalem bijeen. En nu hoorden ze de discipelen spreken in hun taal. Dat was bijzonder, want ze hadden eigenlijk helemaal geen opleiding daarvoor gehad. Maar nu ontstaat daar Gods gemeente, een wereldwijde gemeente die niet verbonden is door muren maar verbonden is in het Woord van God en Zijn grote werken.

Gods kerk bestaat uit veel verschillende mensen met verschillende meningen en verschillende denkwijzen. Een cultuur in een bepaald land bepalen veelal hoe het gemeenteleven eruit ziet en wat wel en wat niet mag en wij zijn het met sommige zaken absoluut niet eens, soms kunnen we daar zelfs veroordelend over zijn. Maar wanneer Gods Woord centraal staat en het zuiver wordt gebracht is het een gemeente van God! Er kunnen verschillen zijn in uiterlijk, maar het Woord geeft de verbinding. Er is niet één gemeente die superieur is aan de andere, we zijn allemaal zondige mensen met onze gebreken, maar we hebben ook allemaal de Heere Jezus nodig als Verlosser.

En ieder die Hem aangenomen heeft als Zaligmaker, die is een lid van de Gemeente. De kinderen van God zijn allemaal aan elkaar verbonden, of ze nu dansen in de kerk of op hele noten zingen, of ze nu in tongen spreken of Statenvertaling lezen, het gaat God om het hart. En wanneer ons hart van God is, dan zijn wij lid van Zijn Kerk. Die kerk is dus een bonte verzameling van gelovigen, van mensen die God nodig hebben. Ieder op zijn of haar eigen wijze is daar deel van.

Daarom mogen wij God groot maken, omdat Hij Zijn kinderen overal vandaan haalt en ieder een plekje geeft. Alles stoelt op Zijn Zoon en alles draait om Hem, niet om de mensen. God staat centraal en als dat daadwerkelijk zo is in ons leven, dan hebben we al onze broeders en zusters lief. Ook die in die kerk zit die jij eigenlijk maar niet vind. Het is familie van je, of heb jij Christus meer of minder nodig? Nee, ieder die Hem liefheeft heeft Hem nodig. We horen daarom allemaal bij de Kerk van het Kruis, of de Kerk dat gewassen is door het bloed van Christus.

Zo kunnen we met onze medechristenen in liefde leven en kunnen we verschillen accepteren. Dat zal iets uitstralen naar de wereld, liefdesband waar veel mensen jaloers op zullen worden. We kennen elkaar, want we kennen Christus. We houden van elkaar, want Christus houdt van ons.

zondag 3 januari 2016

God zal de Enige zijn

Zacharia 14:9 De Heere zal Koning worden over heel de aarde. Op die dag zal de Heere de Enige zijn en Zijn Naam de enige.
Een wereld waarin God de Enige is, de Heerser over de volken. Wat een heerlijke tijd zal dat zijn. Een tijd waarin we ons geen zorgen hoeven maken, een tijd waarin alles gericht is op Hem alleen. Hij die goed is en die Zich over Zijn kinderen ontfermt. Een tijd waarin er geen licht meer nodig is, want God is het Licht. Hij straalt als de zon en zal ieder mens bestralen met Zijn liefde, ieder mens die Zijn Zoon als Verlosser kent. Ik krijg het warm vanbinnen als ik daaraan denk, jij ook?
Het is een periode in na de ballingschap. Een deel van het volk is weer teruggekeerd uit Babel en beginnen het leven weer op te pakken in Israël. Dat is natuurlijk niet makkelijk, want veel is verwoest en ze zijn jarenlang in een godloze omgeving geweest. Een land waar andere goden werden aanbeden en waar vooral de koning aanbeden werd. Een land waar astrologie belangrijk was en mensen met tovenarij bezig waren. Een donkere tijd voor het volk, een tijd waarin God niet centraal stond en Hij niet de koning was van vele joden.
Dat heeft God ook gezien en nu geeft Hij door middel van Zacharia Zijn volk te kennen dat er een andere tijd zal komen. Een tijd waarin God de enige Koning zal zijn, een tijd dat de boze verslagen wordt en niet meer zal heersen. Dat is natuurlijk gebeurd aan het kruis van Golgotha, toen de macht van satan werd gebroken en Jezus de dood en de hel heeft overwonnen. Zacharia spreekt hier in eerste instantie over, zo rond 500 jaar voor Christus komst. God belooft de Messias en vanuit Zijn werk zal God de Koning zijn.
Maar Zacharia ziet ook nog over die tijd heen, ja zelfs over onze tijd heen. Want nu is satan wel verslagen, maar veel mensen erkennen God niet als hun Koning. Ze willen niets met Hem te maken hebben en leven hun leven voort. Dat doet God pijn, Hij wil het liefst dat alle mensen Hem als Koning dienen en voor Hem leven. Maar de dag komt dat er voorgoed wordt afgerekend met satan, als Jezus terugkomt naar de aarde. Als Hij komt met macht en majesteit en ieder bij Zich zal roepen om voor eeuwig met Hem te leven. Dan breekt de tijd aan dat God de Enige is en dat wij alleen tot Zijn eer mogen leven. Dat is niet beangstigend, want God is goed en Hij weet wat het beste voor ons is. Dat zal geweldig zijn!
Misschien heb jij je leven nog niet aan Hem overgegeven en heb jij andere koningen in je leven. Dan mag je naar Hem toe en je leven overgeven en Hem als Koning gaan eren. Dat kost je gegarandeerd je eigen koningen en dat zal niet altijd makkelijk zijn, maar je krijgt de grote Koning ervoor in de plaats en Hij maakt dat we in Hem zoveel geluk zullen vinden dat we geen andere koningen meer nodig hebben.
Wachten op die dag, op die heerlijke dag waarop alles zal veranderen. Biddend uitzien naar het leven in Zijn nabijheid en een leven waarin God ons beschijnt met Zijn liefde. Die dag verwacht ik, daar kijk ik naar uit. Kijk jij daar ook naar uit? Krijg jij als je deze tekst zo leest ook dat warme gevoel vanbinnen dat we straks alleen Hem als Koning hebben? Dat zal heerlijk zijn.
Maar het blij vooruitzicht dat mij streelt!

zaterdag 26 december 2015

Wat zie jij?


Lukas 2:30 want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien.

Wat zie jij in Jezus? Als je je voorstelt dat je het Kind dat net geboren is ziet, wat zie je dan? We kunnen verschillende kanten op. Zo kun je bijvoorbeeld een bijzonder iemand zien, die wonderen heeft gedaan, maar verder gewoon een mens is. Je kunt ook een profeet zien, die mooie woorden heeft gesproken en van wie we veel kunnen leren. Je kunt ook een heel normaal kind zien, die door zijn ouders volgens alle wetten van Mozes in de Tempel is gebracht en die besneden is. Wie zij jij?

Simeon zag de zaligheid van God! Hij heeft alle voorgaande dingen gezien, maar bovenal de Verlosser van het volk, de Messias. Dat was Hem door God beloofd in een openbaring en hij heeft hier al die tijd op gewacht. Waarschijnlijk waren zijn ogen al wat minder, kon hij niet meer zo goed lopen en was zijn stem al wat krakende. Maar toen Jezus de Tempel in werd gebracht wist hij het meteen: dit is de Zaligmaker, de beloofde Messias. Hij heeft het Kind gezien, voordat hij ging sterven. God doet wat Hij belooft.

En wat zag Simeon? De zaligheid van de Heere! Hij zag het Kind en door alles heen zag hij de Verlosser, Hij die vanaf het begin van de mensheid al beloofd is. Die sinds Adam en Eva en de zondeval verwacht wordt. Ja, dat is wat Simeon ziet en dat is wat het Kind bijzonder maakt. God zelf is naar de aarde gekomen om verlossing te geven voor alle volken. Dat zegt Simeon ook gelijk: een Licht om de heidenen te verlichten en om Uw volk Israël te verheerlijken. Wat zal Simeon blij zijn geweest en dat heeft hij gelijk beschreven in die prachtige woorden waaruit een lied is ontstaan. En lofzang op de grote daden van de Heere!

Volgen wij ook het voorbeeld van Simeon? Zien wij in Jezus ook de Verlosser van de volken? De Zoon van God die gestuurd is om voor de zonde te betalen? Als we dat zien, dan mogen we onszelf gelukkig prijzen, want dan heeft God onze ogen geopend. Net als bij Simeon, zien we dan de zaligheid. Dan mogen wij ook God prijzen en Hem onze dank en eer betonen. We mogen leven door het Bloed van Christus, in de wetenschap dat we gered zijn door Hem. Dat is toch onwerkelijk!

Dat geeft ons ook gelijk een opdracht mee: je bent niet van de wereld meer, je bent van Christus. Dan mogen we ook zo leven. Weg met die zondige dingen en gewoonten, weg met het meelopen met allerlei zaken die we zo leuk vinden maar die volgens Gods Woord niet kunnen. Nee, niet jezelf goedpraten, want dan doen we Christus tekort. Wij moeten leven tot Zijn eer! Uit liefde, door de liefde omdat de we gered zijn door Hem, onze Liefde.

Zo mogen we na kerst leven vanuit die wetenschap. We mogen met Simeon zeggen: Nu laat U, Heere, Uw dienstknecht gaan in vrede. We hoeven niet te verlangen naar de dood, maar wanneer het gebeurd zijn we geborgen in Hem. Dat geeft rust, dat geeft echte vrede. We hoeven niet bang te zijn, we mogen sterk staan in Christus.

Leunend tegen de kribbe, onder het kruis en kijkend naar de hemel vanwaar Hij komen zal!

donderdag 26 februari 2015

In je eigen omgeving

Lukas 4:30 Maar Hij liep midden tussen hen door en ging weg.
Wat een verdriet zal het bij Jezus hebben gegeven, Hij werd in Zijn eigen woonplaats veracht. Het begon nog zo mooi, Hij mocht voorgaan in de synagoge en de mensen verbaasden zich over de woorden van Jezus. Hij sprak woorden van zaligheid en over het Woord dat op dat moment voor hen vervuld werd. Ja, de Messias stond voor hun neus, maar wilden ze Hem ook erkennen?
Toen Jezus sprak over de weduwe in de tijd van Elia en van Naäman, de buitenlander die genezen werd terwijl er veel mensen in Israël ook melaats waren, werden ze boos. Jezus legde de vinger op de zere plek, Hij sprak openlijk over het ongeloof van de mensen. Ze wilden een teken zien van wat ze hadden gehoord, de mensen geloofden Jezus niet. Hij was immers opgegroeid in hun eigen dorp? En toen Jezus uitsprak dat er geen profeet in zijn eigen stad welgevallig is, werden ze boos. Ze konden zich niet meer bedwingen en ze wilden Jezus doden.
Ze duwen Jezus in de richting van een ravijn, ze wilden Hem op die manier de berg afduwen. Maar voor het zover was, liep Jezus vooruit weg, dwars door hun midden heen. Wat een ontzag moeten de mensen hebben gehad en wat een kracht zal er van Jezus zijn uitgegaan! Ze hoefden Hem alleen nog maar een duwtje te geven en ze konden het voor zichzelf best rechtvaardigen, maar het lukte niet! De grote Koning loopt als Heerser uit hun midden weg en niemand die er iets tegen doen kan.
Ongeloof, het kan een mens verschrikkelijke dingen laten doen. Hier zien we weer waar een mens toe in staat is. Maar God bepaalt! Deze mensen hadden de Christus ook kunnen doden, maar dat was Gods plan niet. Jezus moest in leven blijven om aan het kruis te gaan voor Zijn kinderen. Ook in die situatie had Jezus anders kunnen reageren. Toen de soldaten vroegen naar Jezus en Hij ik ben het zei, vielen ze op de grond. Toch liet Hij Zich meenemen. Hij wilde de straf voor ons ondergaan.
Geloof staat tegenover ongeloof. De kracht die Jezus ontvangt, wil God ook aan Zijn kinderen geven. Het geloof is een krachtig wapen in onze tijd met veel verleiding en moeiten. De kracht die Jezus van God ontvangt om tussen de mensen weg te lopen, ontvangen wij om van de zonden weg te lopen. Wij ontvangen kracht om te leven voor de Allerhoogste. Want Hij is dat toch waard!
Jezus werd veracht in Zijn eigen dorp. Maken jij het ook wel eens mee dat je juist in je eigen omgeving de meeste tegenstand ervaart? Dat je keuzes maakt in het geloof, die je familie of vrienden niet begrijpen? Dat je bepaalde dingen niet meer doet, omdat die niet bij een christelijke levenswandel horen en dat je eigenlijk wordt bespot? Als dat gebeurt, ga je dan alsjeblieft niet aanpassen. Ga door met je veranderingen en leef in Christus. Hij geeft je de kracht om door te gaan, de grote God die bij Zijn Zoon was, wil ook bij jou en mij zijn. Dan is het niet altijd makkelijk, maar je weet wel waar je het voor doet. Voor Hem alleen!

vrijdag 13 februari 2015

In het geloof leven en sterven

Hebreeën 11:13 Deze allen zijn in het geloof gestorven. Zij hebben de vervulling van de beloften niet verkregen, maar hebben die vanuit de verte gezien en geloofd en begroet, en zij hebben beleden dat zij vreemdelingen en bijwoners op aarde waren.

Wanneer je sterft, zou deze tekst dan op je rouwkaart kunnen staan? Zouden de mensen die je nalaat ook deze tekst op je begrafenis durven uit te spreken? Dat is misschien een heftige vraag, maar als je de tekst leest een zeer waardevolle vraag. Hier draait het allemaal om in het leven en bij het sterven. Zullen we eens kijken wat de tekst voor boodschap voor ons heeft?

Deze allen zijn in het geloof gestorven. Het gaat dan over Noach, Abraham, Izaäk, Jakob en Sarah. De zogenaamde geloofshelden zijn gestorven in het geloof. Ze geloofden in God en vertrouwden op Hem en toen hun levenseinde hier op aarde kwam zijn ze net als ieder mens gestorven. Maar ze zijn niet net zoals ieder mens gestorven, ze zijn in geloof gestorven. Ze hebben altijd in God geloofd en hebben ook niet op hun sterfbed God verlaten. 

Ze hebben de vervulling van de beloften niet verkregen. In hun tijd is Christus niet gekomen, dat was de grote belofte van God. Daar wachtte men op vanaf het moment dat de mens heeft gezondigd en God naar hen toekwam. Natuurlijk hebben ze wel de andere beloften gekregen zoals het ontvangen van nageslacht, maar dat was niet het belangrijkste in hun geloof. Christus zou komen en daar was hun geloof in vastgezet! God belooft het en dat geloven ze. En jij?

Ze hebben het wel vanuit de verte gezien en geloofd en begroet. Ze hebben de komst van Christus verwacht. Niet alleen met de mond, maar ook met hun hart. Ze geloofden God op Zijn Woord en hebben ook Zijn redding begroet. Ze nemen het aan en maken dat het centrum van hun leven. Daar draait het voor hen allemaal om! Waar draait het voor ons allemaal om?

Ze hebben beleden dat ze vreemdelingen en bijwoners op aarde waren. Dit is toch wel een van de moeilijkste opdrachten. Wij voelen ons vaak zo thuis in deze wereld en willen het liefst dat deze wereld om ons draait. Natuurlijk is de wereld door God geschapen en mogen we ervan genieten, maar waar genieten we van? Waar bevinden we ons en wat zijn de doelen in ons leven. Zijn we anders dan de mensen die niet in God geloven? Of vind je misschien dat dat helemaal niet hoeft? Dan lezen we hier toch iets anders: ze beleden dat ze vreemdelingen waren en bijwoners. Ze hoorden er niet helemaal bij, want ze geloofden in God! In die grote God waar veel mensen niets van willen weten. Toen niet en nu nog niet. Waar hoor je bij?

Als ik dit zo lees, dan is nog veel werk aan de winkel voor de Heilige Geest. Ik bid dat Hij mij en jou mag laten beseffen dat we ons niet zo thuis moeten voelen en overal in mee moeten doen. Dat we afstand nemen van het wereldse en bezig gaan met de dingen van God. Bezig zijn met geloven en dichter bij Hem te komen. Daar moet ik zelf discipline in tonen en in afhankelijkheid van God heel hard aan werken. Ik hoop en bid dat straks de mensen deze tekst op mijn begrafenis kunnen oplezen en dat God daarin wordt verheerlijkt. Want Hij is het doel van mijn leven! Ook in dat van jou?

maandag 2 februari 2015

Eten van de Boom des Levens

Openbaring 2:7 Wie oren heeft, laat hij horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt. Wie overwint, hem zal Ik te eten geven van de Boom des levens, die midden in het paradijs van God staat.

Pittige woorden hebben we deze keer. Het gaat om de brief die Johannes moet sturen aan de gemeente van Efeze. In het eerste gedeelte wordt de gemeente geroemd om haar werken en krijgt ze complimenten. Het gaat erom dat ze leugenaars en slechte mensen niet kunnen verdragen. Daar krijgen ze complimenten voor en Christus vindt dat dus ook. Hij wil geen slechte mensen in Zijn gemeente, dat betekent dat als je bij Hem hoort dat er dan ook verandering is te zien. Je leeft niet meer zoals je deed en het doel van je leven is veranderd. Je probeert naar Zijn wil te leven, niet om zalig te worden, want dat word je niet door werken, maar om Hem te eren.

Maar na de complimenten komt er een klacht aan het adres van de gemeente. Jullie hebben je eerste liefde verlaten. Dat kun je eigenlijk net zo zien als wanneer je bent getrouwd dat je er later met een andere vrouw of man vandoor gaat. Je hebt je aan hem of haar gegeven en zegt later: sorry, toch maar niet. Zo kan het ook in het geloof gaan. Je kunt aan het begin Christus willen volgen en ook dingen veranderen in je leven, maar vervolgens leef je weer op de oude manier, of misschien wel op een nieuwe manier die ook niet het leven van een christen is. Wij moeten uitstralen dat we bij Hem horen en dat kan alleen door een levensstijl net als Hem. We moeten voor anderen zorgen en we moeten het goede voorbeeld geven. We gaan ook niet met alles mee wat de wereld doet. Veel mensen leven een leven dat in contrast staat met het leven van Christus. Ze zijn met hun mond misschien wel Christus, maar als je ze vervolgens iets beter kent dan staat eigenlijk hun hobby, sport of werk op de eerste plek.

Als je zo leeft wordt de kandelaar weggehaald. Dat betekent dat de hoop en de liefde vanuit Christus straks niet meer aanwezig is. De Heilige Geest is eigenlijk niet welkom en als Hij niet welkom is dan verlaat Hij je. Dat is een verantwoordelijkheid die we allemaal hebben. Mocht jij zo zijn geworden dan roept Christus je op om je eerste liefde weer op te zoeken. Leef met Christus en je zult die liefde weer voelen.

Wie naar Zijn wil leeft die zal straks eten van de Boom de levens, die in het midden van het Paradijs staat. Je mag daarvan eten en dan zul je vervuld worden. Je mag voor eeuwig bij Hem leven. Dat is de toekomst die er voor de kinderen van God ligt. Je mag bij Hem zijn en Hij zal je te eten geven. Hij zal je vullen met Zijn Geest. Hoe heerlijk zal dat zijn. Dat duurt voor eeuwig.

Soms zijn er momenten dat je wordt stilgezet omdat er iets ergs is gebeurd. Dan komt de vraag op je af: ben ik gereed om te sterven. Er hoeft maar iets kleins te gebeuren,  dan is het zover. Dan mag je troost hebben als je mag eten van de Boom des levens, straks in het Paradijs. Je weet hoe je daar kunt komen, namelijk door te geloven dat Christus je Zaligaker is en door vervolgens met Hem hier op aarde al te leven.


Leven met Christus is het leven zoals het straks ook zal zijn. Hier nog met fouten, maar straks volmaakt. Kijk dan eens naar jezelf en lees het hele Bijbelgedeelte dat bij deze tekst hoort. Wat staat hier over het volgen van Christus en welk risico neem ik wanneer ik andere dingen boven Hem zet? Leef je geloof en prijs Christus met je leven. 

vrijdag 30 januari 2015

Ik ben met u

Jesaja 41:10 Wees niet bevreesd, want Ik ben met u, wees niet verschrikt, want Ik ben Uw God. Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met Mijn rechterhand, die gerechtigheid werkt.
Onzekere tijden maken ons soms aan het wankelen. We worden er helemaal in mee gesleurd en het trekt aan ons. In welke situatie we ook zitten, soms lijkt ons leven iets om niet door te komen. We vangen klap na klap en het zit tegen. Er gebeuren verschrikkelijke dingen en we leven in grote onzekerheid. We kunnen dan inzinken en wegzakken in het geloof. We kunnen vol met vragen zitten over waarom iets gebeurt. We begrijpen het niet en het verscheurt ons vanbinnen.
God weet ook dat wij zulke situaties meemaken. Hij kent ons door en door en ziet wat er gebeurt. Hij ziet het verdriet in ons hart, de onzekerheid die ons gek maakt. God weet en ziet alles. Hij laat ook heel veel gebeuren, zaken die wij niet begrijpen. Soms lijkt het of Hij niets doet, zoveel bidden en zoveel smeken, maar het helpt niet. Is God er dan wel? Luistert Hij wel?
Dan mogen we de tekst van Jesaja lezen en daar een grote troost uit putten. Want God weet dat het gebeurd, maar Hij blijft niet staan kijken vanaf de zijlijn. Hij is bij ons en wil ons tot hulp zijn. God zegt: wees niet bevreesd, want Ik ben met u. Die grote God is met ons, met jou. God ziet je, Hij kent je en Hij is bij je. Hij laat je niet verdrinken in je verdriet of onzekerheid, Hij wil bij je zijn. Hij staat naast je en laat je niet meer los. Hij geeft je kracht en omringt je met Zijn Goddelijke armen. Je hoeft niet bang te zijn, want Hij is bij je.
Hij wil je sterken en ondersteunen. Wij mensen proberen dat ook vaak, maar we schieten dan zoveel tekort. We kunnen een arm om iemands schouder leggen of een woord spreken, maar het helpt weinig tot niets. Het is goed om dit te doen, te laten weten dat de ander er niet alleen voor staat. Maar als God ons sterkt en ondersteunt, dan is daar de Schepper die met Zijn rechterhand over ons waakt. Hij laat je niet los, Hij geeft je kracht!
In die onzekere en bange tijd mag je bij Hem schuilen. Hij zal tegen niemand zeggen: Ik ben er niet voor jou. Nee, wanneer je je toevlucht tot Hem neemt dan geldt deze tekst ook voor jou. God is beschikbaar voor iedereen en Hij wil je dragen. Je mag je vragen en je zorgen aan Hem vertellen, je mag ze zelfs naar Hem roepen! Hij wil dat wij met onze lasten en problemen naar Hem komen en Hij zal je dan tot steun zijn.
Leg maar stil jouw hand in Zijn handen en laat God je leiden. Hij wil ons nabij Zijn en ook voor jou een vesting zijn waar je kunt schuilen. Vertrouw op Hem en luister naar Zijn woorden. Hij zegt ook tegen jou: wees niet bevreesd, want Ik ben met je.

donderdag 29 januari 2015

In de storm

Jona 1:4 Maar de HEERE wierp een hevige wind op de zee; er ontstond een zware storm op de zee, zodat het schip dreigde te breken.

Marcus 4:39 En Hij, wakker geworden, bestrafte de wind en zei tegen de zee: Zwijg, wees stil! En de wind ging liggen en er kwam een grote stilte.

Op dit moment waait het flink buiten. Het is nog lang geen storm, maar als je ertegenin moet fietsen dan merk je dat het hard waait. In het journaal zien we veel vaker een storm. Een hele harde wind die alles meeneemt dat op zijn pad ligt. Grote golven op het water die naar de kust razen. Je ziet het al voor je. En als de storm is overgetrokken, dan zie je alleen maar een grote ravage. Alles is vernield, er staat maar weinig nog overeind. Verschrikkelijke beelden die op je netvlies blijven staan.

Jona belandde ook in een storm. Hij was weggevlucht van God en wilde niet naar Nineve. Hij ging op de vlucht, bij God vandaan. Maar toen stuurde God een storm en dat was niet zomaar een storm. De zeelieden raakten zelfs in paniek. Ze hadden al heel wat stormen doorstaan, maar bij deze wisten ze niet wat ze moesten doen. Totdat Jona besefte nadat het lot hem als schuldige aanwees, dat hij de schuldige was van de storm. Door hem is de storm gestuurd en hij laat zich overboord gooien en de storm stilt. Het is voorbij. Jona wordt gered door God, door de vis die hem opslokt en Jona bekeert zich en gaat naar Nineve.

God geeft in ons leven ook wel eens een storm. Dit kan op allerlei gebieden op ons afkomen. Het kan zijn dat onze gezondheid wordt aangetast of dat je financieel een opdoffer krijgt. Het kan op veel manieren tot ons komen. God gebruikt de storm om je tot Hem te keren. God gebruikte deze storm om Jona tot Hem terug te laten keren. Hij wil je je naar Hem kijkt en naar Hem luistert.

De discipelen waren met Jezus in een bood op het Meer van Galilea. Ook zij waren wel wat gewend, maar toen de storm wat heftiger werd, maakten ze Jezus wakker. Heer wordt wakker want wij vergaan! Jezus werd wakker en kwam naar het dek. Wat Hij toen deed, daar krijg ik steeds weer kippenvel van. Hij bestrafte de wind en zei: Zwijg, wees stil. En toen ging de wind liggen. De wind luisterde naar Hem. Natuurlijk, Hij is Gods Zoon, maar het is toch een verbazingwekkend verhaal. Dat vonden de discipelen ook wat zij vroegen elkaar: Wie is deze, dat zelfs de wind naar Hem luistert?

Wat geeft dit laatste stuk ons ook een troost. Als je in een storm zit in je leven, dan is Christus bij je. Hij heeft de touwtjes in handen en laat ze niet los. De storm is ondergeschikt aan Hem. Hij heeft de macht om de storm te stoppen, maar Hij weet ook het juiste moment om de storm te stoppen. Wij snappen meestal niet waar die storm in ons leven voor dient en dat is maar goed ook, want God heeft er altijd een plan mee. 

Wat we wel weten is dat we altijd naar Christus kunnen en mogen gaan. Hij staat voor ons klaar op de moeilijke momenten. Hij zorgt voor je ook al zie je dat niet altijd. Hij heeft je lief. Hij is zelfs voor jou aan het kruis gegaan, zou Hij je dan niet bijstaan in de storm? Vertrouw op Hem en leef dicht bij Hem, want bij Hem is het goed. Dan is er na de storm geen grote ravage, maar een leven met Hem!


Here God, als het soms stormt in mijn leven, wilt U mijn dan op U laten zien? Wilt U mij dan geven dat ik bij Uw Zoon mag schuilen, omdat Hij de zonde en daarmee ook alle stormen heeft overwonnen. Soms snap ik het allemaal niet Here, maar laat mij vertrouwen op U! 

woensdag 28 januari 2015

God strekt Zijn hand uit

Exodus 3:20 Daarom zal Ik Mijn hand uitstrekken en Egypte treffen met al Mijn wonderen die Ik te midden daarvan doen zal. Daarna zal hij u laten gaan.

Sommige boksers hebben een goede rechtse, dat betekent dat je maar goed moet oppassen voor hun rechterhand. Als ze je daarmee slaan en je bent niet goed afgeschermd, dan ga je neer. Een ongetraind iemand zal gelijk knock-out gaan en voor eerst niet meer opstaan. Het kan ook zijn dat die bokser aan jou kant is en dan zorg je dat die rechtse juist altijd open ligt, zodat hij die kan gebruiken. Het is een goed gevoel om in een moeilijke situatie iemand met zo’n rechtse naast je te hebben staan.

God strekt Zijn hand uit naar de Egyptenaren. Het volk Israël heeft jaren in gevangenschap geleefd en in slavernij. Ze worden onderdrukt en mishandeld en er is niemand die naar ze omziet. Of toch wel? God roept Mozes om Zijn volk te leiden uit de slavernij. Mozes moet naar de Farao gaan en zeggen dat hij het volk van God meeneemt. Maar Mozes weet hoe de farao is en durft dat eigenlijk niet, hij vindt zichzelf niet goed genoeg. Maar God geeft Hem een belofte mee: Ik zal Mijn hand uitstrekken en de Egyptenaren treffen met wonderen. Daarna zal de farao jullie laten gaan.

God belooft aan Mozes dat Hij Egypte een rechtse zal geven. Hij zal een figuurlijke stoot uitdelen die zijn weerga niet kent. En er is inderdaad van alles gebeurd. Water werd in bloed veranderd, er kwamen allerlei plagen en zelfs alle oudste jongens werden gedood. Ten einde raad stuurt de farao het volk weg. Maar later komt hij daarop terug en gaat achter het volk aan, hij wil ze terughalen. Die farao heeft een bord voor zijn hoofd, na alles wat er is gebeurd. En dan doet God nog een laatste wonder tegenover de Egyptenaren. Hij opent de zee als ze in het nauw zijn gekomen en het volk kan erdoor. Maar de farao en zijn leger verdrinken in de zee. De laatste klap is uitgedeeld.

Met God valt niet te spotten! Dat heeft de farao gezien, maar ook de duivel. Toen Christus naar de aarde kwam heeft hij alles geprobeerd om het werk van Christus tegen te houden. Maar het is niet gelukt, Christus is gestorven en opgestaan. Hij heeft de straf van God betaald en de satan overwonnen. De duivel heeft geen weerwoord op de rechterhand van God, hij is knock-out gegaan. Die hand van God is zo sterk, daar kan de duivel niet tegenop. Wat hij ook in het werk stelt, het is gebeurd met hem en de zijnen. Christus heeft overwonnen en zal die overwinning niet uit handen geven.

Toch probeert satan op allerlei manieren nog mensen bij God weg te kapen. Hij vervolgt sommige christen, anderen geeft hij rijkdom en weer anderen macht. Maar het zijn stuiptrekkingen en hij zal niet meer kunnen overwinnen. Uiteindelijk zal hij net als de farao ondergaan. Hij weet het, maar wil er niets van weten.
Die God met die rechterhand, die staat aan onze kant. Hij wil juist zoveel mogelijk mensen voor Hem winnen. Hij heeft Zijn Zoon gegeven en wil ons elke dag bijstaan. God zorgt voor Zijn kinderen en staat voor ons klaar, elke dag staat Hij naast ons om de strijd aan te gaan. En elke keer als wij op onze knieën liggen en praten met Hem, dan geeft Hij de satan weer een rechtse.

Die God mogen wij elke dag zoeken en elke dag prijzen. Hij wil in en door ons werken zodat iedereen van Hem mag horen. Die God wil dat wij Hem dienen en niet van Hem afdwalen. Daarom is contact met Hem zo belangrijk, maar ook Zijn Woord bestuderen. Hij die machtige Koning van alles op deze aarde en daarbuiten wil onze Koning zijn. Het is een voorrecht om Hem te dienen en Zijn onderdaan te zijn. Die heerlijke God met Zijn geweldige Zoon, dien jij Hem? Zoek je Hem elke dag? Ken je Hem niet? Het is nog niet te laat! Hij geeft satan steeds een rechtse, maar ons steeds genade. Diezelfde hand is voor ons al zalving en zo wil Hij met ons omgaan. Leg je leven in Zijn hand!


Heere God, wat ben ik blij dat U aan mijn kant staat en dat U de strijd hebt gestreden en steeds voor mij wilt strijden. Geef toch dat ik zelf ook mag strijden tegen het kwaad en Uw Naam mag uitdragen. Vul Mij steeds meer met U Geest!

dinsdag 27 januari 2015

Kracht door Christus

Markus 5:30 En meteen toen Jezus merkte dat er kracht van Hem uitgegaan was, keerde Hij Zich om in de menigte en zei: We heeft Mijn kleren aangeraakt.
De vrouw die bloed vloeide raakte Jezus aan. Ze was ziek en niemand kon haar helpen. Het was druk om Jezus heen en Hij werd vaak aangeraakt, maar nu voelde Hij kracht uit Zich gaan. Er stroomde kracht van Christus over naar de vrouw en ze werd genezen, op hetzelfde moment. Er was geen twijfel mogelijk want het bloed stopte direct met stromen. Wat een geweldige kracht gaat er uit van Christus en wat is het een genade dat wij ook die kracht mogen ontvangen.
Christus wil die kracht aan ons allemaal geven. Hij wil het uitdelen aan iedereen die erom vraagt. Die kracht krijg je niet door alleen maar naar de kerk te gaan, maar die kracht krijg je als je Christus erom vraagt. Het was erg druk om Jezus heen, zoals al eerder gezegd en toch voelde niet iedereen die Hem aanraakte die kracht. Waarom niet? Het gaat om de intentie van Hem aanraken, je moet die kracht willen ontvangen. Als je alleen maar in de kerk zit of uit je Bijbel leest uit gewoonte, dan zul je die kracht niet ervaren. Je mag Christus vragen om Zijn kracht en dan zal Hij die geven.
Hij weet immers wat wij nodig hebben! Hij wist dat deze vrouw kracht nodig had om genezen te worden en dat gebeurde dan ook. Die vrouw vroeg Jezus niet om genezing met mooie woorden of een hoop gedoe. Nee, ze wilde Hem alleen maar aanraken, dat was genoeg. De rest laat ze aan Christus over, want Hij deelt uit! Wij hebben die kracht niet van onszelf, maar ontvangen die van Hem!
Die kracht van Christus is niet alleen voor zieke mensen, maar ook voor mensen met verdriet of pijn. Innerlijk pijn van het verlies van een dierbare of psychische problemen waar een mens al langer last van kan hebben. Christus is degene die dan kracht kan geven om erdoorheen te komen. Nee, niet dat vervolgens alle problemen naast je neer vallen, maar wel om de problemen te dragen. Hij kent ons en als wij tot Hem komen, dan staat Hij al klaar om ons Zijn kracht te geven. Daar hoef je niet aan te twijfelen.
Jezus geeft ook kracht om stand te houden in het geloof. Misschien heb je wel eens twijfel of val je voor je verleidingen. Dan is ook Christus er voor je. Allereerst om je te vergeving, want in Zijn vergevende bloed is kracht om zonden weg te doen. Kracht om niet alleen te vergeven, maar je ook te helpen de strijd ermee aan te gaan. Hij deelt die kracht uit, om niet. Het is niet zo dat net als bij die vrouw alles in een keer gelijk over is. Het zal meestal een proces zijn waarin je sterker wordt. Maar je moet Hem er wel om vragen! Dan zál Hij het geven, daar mag je zeker van zijn.
Weet je wie je laat twijfelen aan je geloof? Satan. Hij wil dat je onzeker bent over je redding, want je wordt dan een makkelijke prooi. Christus daarentegen wil je zekerheid geven, want Hij geeft je de kracht. Door Hem ben je zalig, niet door jezelf. Dus je hoeft niet te twijfelen!
Daar is kracht, kracht, wonderbare kracht in het bloed van het Lam! Dank U Heere Jezus voor de kracht die U ons wilt geven. Wij verdienen het niet, maar mogen toch ontvangen. Wat een liefde, want een genade van U. Ik aanbid U Heer, met heel mijn hart, ik aanbid U Heer met heel mijn verstand, want U bent mijn Heer!

zondag 25 januari 2015

Mijn oog is op u

Psalm 32:8 Ik onderwijs u en leer u de weg die u moet gaan; Ik geef raad, Mijn oog is op u.
We zeggen het wel eens als we verliefd op iemand zijn, ik heb een oogje op diegene. Elke keer als je diegene ziet gaat je hart sneller kloppen en je houdt diegene het liefst de hele dag in het oog. Als er iets mis dreigt te gaan dan ben je er voor die ander. Of een ander voorbeeld: een vader die met zijn kind op pad is in een drukke straat. Hij houdt zijn kind steeds in de gaten en kijkt of er niets gebeurt. Ook zegt die vader wat het kind wel en niet moet doen. Waarom doet die vader dit? Uit liefde!
God spreekt tot ons door koning David. Hij heeft een boodschap voor ons! Hij wil dat we weten dat hij ons onderwijst. Hij leert ons Hem kennen en onderwijst ons door Zijn Woord wat wel en wat niet goed is. God kent ons door en door en weet wat wij nodig hebben. Als wij ons niet laten onderwijzen krijgen we niet het onderwijs van God en gaan we dus onze eigen weg.
Door Zijn onderwijzing leert God ons de weg die we moeten gaan. Dat is allereerst de weg naar Christus. Wij hebben Hem allemaal nodig en God wijst ons die weg. Het gebeurt in landen waar de Bijbel niet wordt gelezen dat Jezus in een soort visioen verschijnt, maar in onze landen komt Hij vooral tot ons door de Bijbel. Daarom is het belangrijk om de Bijbel te lezen en te luisteren naar God.
Als we die weg volgen, lopen we op de smalle weg. Het is de enige weg die naar het eeuwige leven leidt. Het is de weg waarbij je door de nauwe poort moet. Je moet jezelf vernederen en overgeven aan Christus om op die weg te kunnen wandelen. Maar als we eenmaal op die weg wandelen, dan is het niet altijd makkelijk. Daarom wil God ons raad geven. Hij voorziet niet alleen in onderwijs tot zaligheid. Nee, Hij geeft ons ook raad op de weg die we gaan. De smalle weg is lastig in dit leven hier op aarde. Er ligt zoveel verleiding op de loer, maar daar mogen tegen vechten. Daar wil God raad in geven, in wat wel en niet goed voor ons is en waar we ons bij vandaan moeten houden. Hij geeft ook raad in dagelijkse zaken. Hoe kunnen we zo goed mogelijk met elkaar omgaan, hoe mogen we onze kinderen opvoeden, hoe kunnen we dienstbaar zijn aan anderen. Dat zijn zo een paar vragen waar God ons raad in wil geven.
Zijn oog is op ons. God heeft ons lief! Hij kan Zijn ogen niet van Zijn kinderen afhouden. Zijn liefde is niet een oppervlakkige verliefdheid, maar een diepe, grenzeloze liefde. Een liefde vanuit Zijn vaderhart. Als wij als vader naar onze kinderen kijken kunnen we zelfs nog wel eens teleurgesteld worden, doen ze weer niet wat ik zeg. Maar God kijkt naar ons door het bloed van Christus. Natuurlijk doen we Hem pijn met onze zonden, maar Hij vergeet ze ook weer als we erom vragen. Hij bewaakt ons, Hij leert ons Zijn wil. Hij wil ons leven hier op aarde inhoud geven en ons voorbereiden op de eeuwigheid bij Hem!
Zijn oog is op ons! God is bij ons en waakt over ons, Dat is een rijke zegen van een rijke God. Zo mogen we in het leven staan, want wat er ook gebeurt en wat ons ook overkomt en waar we ook tegenaan lopen: Zijn is oog is op ons.

vrijdag 23 januari 2015

De aanslag

Genesis 3:4 Toen zei de slang tegen de vrouw: U zult zeker niet sterven.

9/11 is een datum die nooit meer zal worden vergeten. De dag van de grote aanslag op de Verenigde Staten, een verschrikkelijke gebeurtenis waarbij veel mensen zijn omgekomen. Een ziek brein heeft het op deze manier uitgedacht en andere mensen voor zich gewonnen en zo bespeeld dat ze ook de daad nog uitvoerden en zo een grote verwoesting aanbrachten in Amerika. Iedereen in rouw en iedereen in verdriet, dit had niet mogen gebeuren. Dit drama mag nooit meer vergeten worden.

6000 jaar geleden gebeurde het ook al, een verschrikkelijke aanslag op de schepping van God. Alles was mooi en prachtig geschapen en God had de mens gemaakt naar Zijn beeld. Maar er was ook al kwaad ontstaan in de hemel en dat verschrikkelijke kwaad heeft een voltreffer behaald met een aanslag op de mens. De mens heeft het voor waar aangenomen dat het niet zou sterven als het van de vrucht zou eten en dat het net als God zou worden. Een drama, een verschrikkelijke gebeurtenis die fataal is voor het vervolg van de mensheid.

God keert zich tot Adam en Eva en Hij roept ze. Hij weet wat ze hebben gedaan en wat er is gebeurd, het ergste wat de mens kon doen is gebeurd. Het heeft zich tegen God gekeerd, maar God keert Zich niet tegen de mens. Hij zoekt ze op, gelijk al nadat het fout is gegaan. Hij belooft aan de mens dat er verlossing zal komen, het kwaad heeft een tik uitgedeeld maar zal niet winnen. Hij straft de slang en vertelt hem dat zijn kop vermorzelt zal worden. Jezus zal komen, Gods eigen Zoon, en Hij zal de duivel en alles wat erbij hoort verslaan!

Die gebeurtenis in het begin van de mensheid snijdt diepe wonden. Het heeft in de geschiedenis al veel kwaad verricht en ook als je nu om je heen kijkt zie je het nog. Het is verschrikkelijk en we kunnen er niet omheen. Het kwaad, de zonde is nog heel veel aanwezig in de wereld, ja zelfs in elk mens. Sommige mensen willen niets van zonde weten, ze hebben geen zonde meer. Wel, elke keer als ik zeg dat ik geen zonde heb doe ik Jezus tekort. Hij is voor mijn zonden gestorven en wij hebben elke dag weer vergeving nodig en dan mogen we bidden zoals Jezus ons heeft geleerd: vergeef ons onze zonden.

Christus heeft die vergeving gegeven en  Hij wast ons vrij van onze zonden, Hij geeft ons een nieuw hart. Ook heeft Hij zijn Geest gegeven om ons een nieuw leven te geven, zodat we steeds meer op Hem mogen lijken. Dat is toch heerlijk ,dat we meer en meer Hem mogen leren kennen en naar Zijn beeld gaan leven. Het boze dat in ons zit, (zijn wij beter dan Adam?) blijft in ons vechten, maar kan uiteindelijk niet op tegen het bloed van Christus. Elke zonde die aan God wordt beleden zal vergeven worden!


Dat is het antwoord van God, vergeving van zonden! Hij wil of heeft ons tot Zijn kinderen aangenomen en wil ons steeds witter wassen. Elke zonde die we doen, of goede dingen die we laten, mogen we bij Hem brengen en Hij zal ze vergeven. Elke dag weer mag je bij Hem komen met al je tekortkomingen en al je strijd in dit leven. God is genadig en Hij is de Koning! Hij heeft alle macht en heeft die op Golgotha getoond en straks zullen we die God in al Zijn heerlijkheid ontmoeten. 

donderdag 22 januari 2015

De wet leert Christus kennen

Romeinen 7:7 Wat zullen wij dan zeggen? Is de wet zonde? Volstrekt niet! Ja, ik zou de zonde niet hebben leren kennen dan door de wet. Ik zou immers ook niet geweten hebben dat begeerte zonde was, als de wet niet zei: U zult niet begeren.

Iedere morgen kijk ik in de spiegel. Wel meerdere malen soms. Sommige mensen staan er zelfs uren voor. Zichzelf aan het bekijken en vooral kijken we dan naar de plekken die we liever niet hebben. En al die plekken proberen we vervolgens weg te werken. We zoeken naar perfectie. We willen er zo mooi mogelijk uit zien. Maar toch elke keer als we in de spiegel kijken, dan zien we weer plekken die we niet willen zien.

Dat is nou precies de werking van de wet. De wet laat je zien wie je zelf bent. En elke keer als je de wet hoort, dan weet je hoe je vanbinnen bent. Misschien leef je wel een perfect leven aan de buitenkant. Er is een laag make-up over de binnenkant gedaan. Je doet goed je best voor de kerk en voor anderen. Toch word je in de wet weer aangesproken. Hij roept je elke keer bij je naam. Veel mensen willen daarom niets van de wet afweten. Ze hebben er een hekel aan. De willen het niet eens horen.

Ik zie het anders. De wet leert mij Christus kennen. Hij laat me allereerst zien wie ikzelf ben. En dat is niet best. Ik kan zo in alle punten van de wet zaken van mijzelf opnoemen. Net als in de spiegel zie ik dan elke keer de plekken die ik niet wil zien. Daardoor weet ik ook dat ik de wet niet kan houden.

En dan komt het mooiste, het heerlijkste en wonderlijkste ten tonele dat er ook maar bestaat. Namelijk Jezus Christus. Hiervoor is Hij namelijk naar de aarde gekomen. Omdat wij niet aan Gods eis kunnen voldoen, is Hij voor ons in de plek gaan staan. Hij is voor mij gestorven. Hij voor mij, daar ik anders voor eeuwig zou sterven. Maar nu mag ik eeuwig leven. Straks voor eeuwig bij Hem zijn.

Elke keer als ik de wet hoor, dan besef ik weer hoe mooi en geweldig het werk van Christus is. Dan wordt ik in eerste instantie bedroefd over mezelf, maar daarna word ik blij in Christus. Hij heeft mij verlost. Hij laat mij ook door de spiegel zien waarom Hij dat heeft gedaan.

Kijk in de spiegel en blijf niet naar jezelf terugkijken, maar kijk daarna omhoog en zie op Hem die je vergeven wil schenken van jou zonden.


Here Jezus, dank U voor Uw liefdevolle werk. Voor Uw genade die ik niet heb verdiend. Laat ons door Uw wet zien, dat wij het niet waard zijn Uw kind te zijn, maar door Uw bloed schoon worden gewassen en daardoor toch bij U mogen horen en straks voor altijd bij U zijn. Halleluja!

zondag 18 januari 2015

oneindige liefde

Romeinen 8:35 Wie zal ons kunnen scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking, of benauwdheid, of vervolging, of honger, of naaktheid, of gevaar, of zwaard?

Heb je al eens iets vastgelijmd en dat je er vervolgens achter bent gekomen dat het niet meer los wil? Je kunt zo hard trekken als je maar wilt, maar je krijgt het niet meer van elkaar. Je kunt erop slaan, schoppen, springen of allerlei materialen gebruiken, je krijgt het niet meer los. Zo is het ook met de liefde van Christus.

De liefde van Christus is niet te verbreken, het is zo sterk! Een mens valt steeds weer in zonde, het lukt ons niet om een leven zonder zonde te hebben. We zijn zwak in onszelf en handelen nog zo vaak naar het vlees. We proberen het op allerlei manieren, we proberen onszelf goed te praten of de zonde te vergoelijken. Zo van: het is toch niet zo erg. Een vloekje moet toch kunnen of ik werk maar een beetje zwart. Ik betaal al genoeg belasting. Zo zijn er tal van voorbeelden te noemen en iedereen heeft voorbeeld waar hij of zij mee te maken heeft. Dat is niet goed, dat is zonde! Daar moeten we van doordrongen zijn, zonde is zonde.

Toch kan die zonde ons niet meer scheiden van Christus! Zijn liefde voor ons is oneindig. Hij zegt niet: nu heb je teveel zonden gedaan, Ik ben niet meer voor jou gestorven. Je hoort niet meer bij mij. Nee, Jezus liefde kent geen grenzen. Zijn genade is onbeperkt en daar mogen we ook van doordrongen zijn. Wij moeten absoluut niet doorleven met zonden, maar we mogen wel weten dat we altijd bij Christus mogen komen met onze zonden. Hij wil ons met Zijn oneindige liefde blijven vergeven! Wat een heerlijke Verlosser is dat!

Maar Hij wil ons met Zijn liefde ook steeds dichter bij Hem laten leven. De liefde van Christus houdt niet alleen in dat we vergeving van zonden ontvangen, maar dat we ook geheiligd worden. Ons leven komt in teken te staan van Hem! Wij proberen vanuit onszelf met het minimale genoeg te nemen, maar Christus wil dat we meer van Hem ontvangen. Door Zijn liefde wil Hij ons steeds meer leren. Zolang we hier op aarde zijn, wil Hij ons blijven besprenkelen met Zijn liefde en Zijn Geest! Zonder dat we het verdienen, ontvangen we dat van Hem! Hij is geweldig!

Het maakt mij stil en verwonderd dat Hij zoveel van mij houdt. Ik, een klein nietig mens, krijg zoveel van die prachtige Messias. Hij wil zo dicht bij me zijn en houdt onvoorwaardelijk van mij. Hij zegt nooit: je bent het niet waard Mijn kind te zijn. Nee, Hij wil steeds weer dat ik bij Hem terugkom en me laat zegenen door Hem! Een liefde die wij mensen niet kennen, niet tegenover elkaar en niet naar God. Wij schieten tekort, maar Hij wil ons dat wel steeds meer geven.

Wij mogen steeds meer lijken op Christus. We mogen ons laten leiden en door Zijn liefde een heiliger leven hebben. Dat wil niet zeggen dat wij steeds beter worden, maar dat we door Christus meer op Hem lijken. Ons leven wordt aan Hem toegewijd en maakt dat we meer en meer leven voor Hem. Dat moeten we niet onder stoelen of banken duwen, maar uitdragen in deze wereld. Zijn liefde uitstralen want we willen toch dat iedereen die oneindige liefde aanvaardt?

Een prachtig Engels lied heeft de volgende woorden: unending love, amazing grace! Dank U Heere Jezus voor Uw oneindige liefde, ik kan het niet bevatten maar ik weet dat U het geeft en dan is het goed. Dank U voor Uw genade, ook zo oneindig groot. U bent het waard geprezen, aanbeden en gediend te worden! Halleluja!

zaterdag 17 januari 2015

De ladder naar de hemel



Genesis 28:13 zie de Heere stond bovenaan de ladder en zei: Ik ben de Heere, de God van uw vader Abraham en de God van Izak; dit land waarop u ligt te slapen, zal ik u en uw nageslacht geven.
Hoe vaak loop je je wel niet een trap op. Je wilt naar boven, want anders hoef je die trap niet op. Wat je boven moet doen, dat kan heel verschillend zijn. Je kunt naar bed gaan of je moet iets pakken, maar altijd ga je naar boven. De trap brengt je naar boven, de trap brengt je naar je doel.
Jakob droomt, hij ligt te slapen op een hard kussen, namelijk stenen. Hij heeft al een aardige reis achter de rug en komt op een plaats waar hij wil slapen. Hij legt zich daar neer en droomt. In zijn droom ziet hij een ladder.
Langs die ladder gaan engelen op en neer. Vanaf de aarde naar de hemel. Waarom doen die engelen dat? Ze gebruiken de ladder om hun doel te behalen. Ze hebben een doel als ze naar boven gaan: ze gaan naar God. Ze gaan Hem loven en prijzen en Hem vertellen wat ze op aarde hebben gedaan. Maar ze gaan ook weer naar beneden. Ze gaan de mensen helpen, de kinderen van God! Engelen begeven zich tussen de hemel en de aarde en staan zo in dienst van de Allerhoogste.
Boven aan de ladder staat God en Hij spreekt tot Jakob. Hij doet Jakob een belofte; namelijk dat zijn volk daar zal wonen. Zijn nageslacht zal het land erven. Wat een machtige belofte en die belofte is ook nog door God uitgevoerd. Als God een belofte doet, dan komt Hij die belofte na. Wij mogen ons daar ook aan vasthouden. God doet wat Hij belooft.
Wij mogen ook elke dag die ladder beklimmen, wij mogen de hemel ingaan en voor God knielen. Dat bedoel ik natuurlijk niet lichamelijk, maar geestelijk. Als wij in gebed met God gaan, dan naderen wij voor Zijn troon.
Wij komen met onze geest in de hemel en staan voor de Allerhoogste. We zijn wat dat betreft net als de engelen. We zoeken God in de hemel, maar we hebben ook een taak hier op aarde. Die taak mogen we ook uitvoeren en God betrekken in onze taak. Alles wat we meemaken, wat ons voorspoed geeft en ook wat ons tegenzit, mogen we bij Hem neerleggen.
Die trap is de verbinding tussen God en ons, het gebed is die verbinding tussen God en ons. Zo dicht mogen we bij God komen, dat is toch geweldig!
Die ladder geeft ons ook een verplichting, Het is de bedoeling dat we die ladder beklimmen. We kunnen niet alleen maar op de aarde zijn en die ladder links laten liggen. Nee, die ladder is ervoor dat we hem beklimmen. God wil dat we contact met Hem maken, Hij geeft daar de mogelijkheid voor. Wil je die ladder niet beklimmen en geen contact met God? Dan moet je jezelf afvragen hoe dat komt. Geloof je wel in die machtige God? Wil je wel bij Hem zijn? Wil je alles aan God vertellen? Maar ook als je nog nooit die trap hebt beklommen, die is voor iedereen bereikbaar. Door Jezus Christus mogen wij die ladder beklimmen en zo mogen we contact maken met God.
Straks komt er een tijd dat we geen ladder meer nodig hebben, we zijn dan continue bij God. We mogen dan voor Hem staan en Hem voor altijd de lof toe zingen. We hoeven dan niet meer te denken aan aardse dingen, want alles staat in teken van Hem!
Straks ben ik altijd bij U, wat heerlijk zal dat zijn. Geen zonde, tranen of pijn en alle last verleden tijd!

vrijdag 16 januari 2015

Verlangen naar God

2 koningen 5:17 Naäman zei daarop: Zo niet, laat dan toch aan uw dienaar een last aarde gegeven worden, zoveel als een span muildieren dragen kan, want uw dienaar zal geen brandoffer of slachtoffer meer brengen aan andere goden, dan alleen aan de HEERE.

Naäman, de machtige generaal van de Syriërs, wordt ziek. Zijn hele huid wordt wit, dat betekent dat hij melaats is geworden. Hij is ten dode opgeschreven. Hij heeft waarschijnlijk veel veldslagen gevoerd en vaak gewonnen, want hij staat hoog in aanzien bij de mensen van zijn land. Maar nu is hij ineens ziek geworden en hij kan normaal gesproken niet meer beter worden. Wat een drama!

Een klein meisje geeft hem de weg naar het leven. Zij weet dat de profeet Elia in het land Israël woont, hij kan hem beter maken want hij is een knecht van God en bij God kan alles. Wat een vast geloof van het meisje, zo simpel maar daarin draagt ze zoveel uit. Ze kent God en weet wat Hij kan doen. Naäman gaat vervolgens op weg, nadat hij toestemming heeft van de koning. In Israël schrikt men zich eerst een hoedje. 
Hoe kunnen ze nu iemand van zijn melaatsheid afhelpen, de koning is toch God niet?

Maar de profeet hoort ervan en laat Naäman bij zich komen. Hij geeft hem opdracht om zich in de rivier de Jordaan te wassen en na enig treuzelen en wat overredingskracht van zijn knechten gaat Naäman overstag en hij wordt na de zevende keer onder water gezond. Wat een machtig wonder van God! Hij werkt op vele manieren en in dit geval door het water van de Jordaan, wat overigens niet het schoonste water is.

Als Naäman terugkomt bij Elia spreekt hij zijn geloof uit. Hij is bekeerd door het wonder van de genezing. Hij heeft gezien dat God de machtigste is op aarde en dat er geen andere goden zijn. Hij heeft alleen nog maar verlangen naar God, de God van de Israëlieten en hij wil alleen die God dienen. Dat zal niet makkelijk worden voor Naäman in een land waar niemand die God dient, behalve zijn dienstmeisje, maar waar verder alleen maar afgoden worden vereerd met veel alcohol en verkeerde middelen en verschrikkelijke uitspattingen.

Naäman heeft verlangen naar God en de vraag die daarop naar ons toekomt is: verlangen wij ook naar God? Naäman wil geen andere God meer dienen, want deze God is de ware God en al het andere heeft geen waarde. Dat is wat wij vaak nog moeilijk vinden, God boven alles te plaatsen. We praten onze andere goden zo vaak goed, we weten er altijd wel een draai aan te geven. Maar God laat door Naäman zien dat we zijn bedoeld om Hem te dienen en Hem alleen.

Dat verlangen naar God, dat is toch eigenlijk heel normaal? Als iemand je heeft genezen dan ben je diegene toch dankbaar en God heeft ons van de zonde verlost, dat wekt toch een verlangen om steeds dichter bij Hem te komen. Hij heeft ons lief en wij mogen Hem liefhebben. Andere goden, welke bij iedereen heel verschillend zijn, leiden je alleen maar van God af. We mogen deze goden met hulp van de Geest uit ons leven wegdoen en ons steeds meer richten op God!


Dank U Vader voor uw genezing. U hebt onze zonden vergeven en wij willen U daarvoor danken en prijzen. Wilt U mij steeds meer op U richten, zodat ik mag leven tot U eer. Ik en mijzelf moeten minder worden, en U moet groter worden.